MarlonErvaringsdeskundige

    Het verhaal van Marlon

    Na twee en een halve maand in het brandwondencentrum mocht ik eindelijk mijn dochter weer zien. Ik was zo bang dat ze me niet zou herkennen… ‘Papa heeft korte haartjes,’ riep ze toen ze naar me toe kwam. Ik smolt. En was zó opgelucht. Ik was laat thuis die donderdagavond. Na drie lange dagen werken in het theater, plofte ik op de bank. Mijn dochtertje en mijn vrouw, zwanger van ons tweede kindje, lagen al te slapen. Ons huis telde twee verdiepingen. We sliepen beneden en woonden boven. Ik was als een blok in slaap gevallen op de bank. Om half zes werd ik wakker. Rozig van de slaap, stond ik op om de bank voor mijn bed te verruilen. Een ontstellend harde klap volgde. Het donker van de nacht had plaatsgemaakt voor dikke zwarte rook, stof en vlammen. In nog geen seconde had een gasexplosie alles verwoest.

    Ik zag geen hand voor ogen en probeerde het licht aan te doen. Maar niks deed het meer. Ik zag vlammen en een muur was weggeslagen. Ineens stond er een brandweerman naast me. Tot die tijd voelde ik niks. Maar door de lamp op zijn helm zag ik mijn vebrande lijf. Dat was zo’n schok. Daarna ging het snel. Terwijl de brandweerman mij bij de buren onder de douche zette, bleef ik alleen maar om mijn dochtertje en vrouw schreeuwen. Toen ik hoorde dat zij veilig waren, stopte ik met tegenstribbelen en kon de ambulancebroeder eindelijk een infuus aanbrengen. ‘Ik voel m’n neus niet,’ was het laatste wat ik dacht voordat de narcose zijn werk deed.

    In de drie maanden die volgden, lag ik in het brandwondencentrum in Beverwijk. Van de eerste maand weet ik niets meer. Ik lag in een box: een eenpersoonskamer met apparaten, slangen en meters zoals je kent van de intensive care. Hier werd ik in slaap gehouden. Eenmaal bij, verhuisde ik naar een tweepersoonskamer, waar nog een andere jongen lag. Hier liep ik al gauw een infectie op. Als je brandwonden hebt, ben je daar extra gevoelig voor. Normaal beschermt je huid je hiertegen. Is die huid verbrand, dan is het risico op infecties groot. Dat ik de MRSA-bacterie (de beruchte ‘ziekenhuisbacterie’) had opgelopen, betekende dat ik geïsoleerd verpleegd moest worden. Opnieuw was mijn enige missie: overleven. Alleen dat houd je de eerste tijd bezig. Alle operaties, de wonden, een levensbedreigende infectie… Mijn gezin gaf me de kracht om te blijven vechten.

    Na drie maanden ziekenhuis volgde drie maanden revalidatiecentrum. Mijn enige doel was dat ik thuis zou zijn voordat mijn vrouw moest bevallen. ‘Terug naar mijn gezin’ was mijn missie. Ik heb me suf getraind. Met resultaat! Drie weken voor de geboorte was ik eindelijk weer thuis. Tijdens mijn verblijf in het revalidatiecentrum kwam de psychische klap. Ik had zoveel verloren. De brandwonden verminkten een groot deel van mijn lijf en gezicht en stelden me fysiek enorm op de proef. Ik verloor mijn baan en belandde in een rechtszaak met de woningbouwcorporatie over de schuldvraag van de gasexplosie. Het kostte me allemaal zoveel energie. Voor het ongeluk stond ik vol in het leven. Maar in één klap was het compleet verwoest. Van onafhankelijke, gezonde man veranderde ik in een afhankelijke patiënt. Chirurgen, psychologen, verpleegkundigen, specialisten, thuiszorgmedewerkers, fysiotherapeuten, ergotherapeuten… Je hebt ze allemaal nodig. Niks kan je nog zelf. Die machteloosheid die je dan voelt, is zó waardeloos. Dat maakt je een wrak.

    De eerste confrontatie met mijn spiegelbeeld was afschuwelijk. Ik geloofde m’n ogen niet. Met pijn in mijn hart zag ik mijn veranderde uiterlijk. En wist meteen: dit wordt een levenslange strijd. Een strijd die allesomvattend is. Van de een op de andere dag staat je leven in het teken van operaties, een rechtzaak, verminkingen, veranderingen in je gezin, relatie en werk. Je weet meteen: het wordt nooit meer zoals het was. De confrontatie met de buitenwereld was en is moeilijk. Natuurlijk, ik voel me gesterkt door de steun van familie en vrienden. Maar normale dingen als zwemmen of een terrasje pakken, doe ik niet meer. Mensen kunnen zo gemeen zijn. Laatst was er een meisje dat me aankeek en begon te lachen. Haar moeder corrigeerde haar niet, nee, zij lachte mee. Dan kook ik van binnen. Of een groepje jongens op de Uitmarkt dat me belachelijk stond te maken. Ze hebben geen idee hoe kwetsend dat is.

    Meer dan een jaar na het ongeluk werd de diagnose PTSS gesteld. Ik leed aan post traumatische stress stoornis. Ik sliep slecht, had angsten en nachtmerries en raakte in paniek als ik een ambulance hoorde. De Vereniging van Mensen met Brandwonden adviseerde me met de psychologe van de Brandwonden Stichting te gaan praten. De eerste stap was de PTSS behandelen. Daarvoor ben ik in traumatherapie gegaan. Daarna wilde ik die altijd aanwezige schaamte en het gevoel van machteloosheid aanpakken. De cursus Verder met littekens hielp hierbij. Maar ook andere (lotgenoot)projecten van de Brandwonden Stichting heb ik met beide handen aangegrepen. Scartrek (wandelen met lotgenoten), de Brandwondendag: het bleken de juiste ingrediënten om elke tegenslag te doorstaan.

    Heb je brandwonden, dan ben je publiek bezit. Je kan nooit meer onopgemerkt over straat. Juist dat mis ik zo. Je zelfvertrouwen krijgt door die verminkingen zo’n enorme knauw. Het ongeluk heeft me niet alleen aan de buitenkant veranderd, maar ook van binnen. Brandwonden zijn meer dan alleen littekens. Ze gooien je leven blijvend overhoop. Mijn vrouw en ik hebben het als stel niet gered. Het is haast niet voor te stellen hoe groot de impact op je (gezins)leven is. Dan moet je heel sterk zijn samen. Die scheiding is nog steeds een zere plek. Toch prijs ik mezelf gelukkig met mijn kinderen, familie en vrienden. In het ziekenhuis was het altijd druk bij mijn bed. Dat zijn echt cadeautjes. Die mensen gaven én geven me de kracht om door te gaan. Maar ook de Brandwonden Stichting is goud waard. Haar projecten geven mij handvatten om sterker en weerbaarder alle moeilijkheden die mijn pad kruisen aan te gaan. Als je bedenkt wat ik allemaal heb bereikt sinds het ongeluk… Dan kan ik oprecht zeggen dat ik heel trots op mezelf ben!

    0